Hokjesdenken

Als je moeite hebt met hokjesdenken, zegt dat dan misschien iets over jezelf?

Als ik zeg dat iemand ADHD heeft, dan betekent dat niet dat ik hem in een hokje stop. Dat is in ieder geval niet mijn bedoeling. Ik gebruik de term om kenmerken te benoemen die overeenkomsten vertonen met die van anderen. Dat praat soms makkelijker als je woorden wil geven aan wat je ziet. Het kind of de mens verandert er niet door. Het maakt iemand niet minder waard. Integendeel, het maakt iemand bijzonder. Pas als er niks herkenbaars aan je is, moet je je zorgen gaan maken.

Mijn zus heeft downsyndroom, ook zo’n hokje waar je ingestopt kan worden. Maar je ontkomt er bij haar niet aan. Aan haar uiterlijke kenmerken zie je dat ze anders is dan anderen. Waar je bij iemand met licht autistische kenmerken nog kunt twijfelen, is er bij mijn zus geen twijfel mogelijk. Je ziet het meteen. Ze is een “mongooltje”, zoals ze het zelf zegt. Vroeger, toen we samen kind waren, was dat nog een gangbaar begrip, mongool. Ik heb er geen moeite mee, maar ik ben er dan ook mee opgegroeid. Ouders van nu, met een kind met downsyndroom, hebben wel moeite met dat ouderwetse begrip. Dat kan ik mij heel goed voorstellen. Wat ik bedoel te zeggen, het kind of de mens verandert er niet door. Mijn zus blijft gelukkig gewoon zichzelf. En hokjes zijn hokjes, welke naam je er ook aan geeft.

Hokjesdenken zegt vooral iets over mensen die als ze een begrip als ADHD horen, er het hokje bij denken in hun hoofd. Om vervolgens het kind waar het over gaat niet meer als dezelfde persoon te kunnen zien. Omdat het hokje in hun hoofd wordt gekoppeld aan een vooroordeel. Dat de ouders van kinderen waar het om gaat dat niet prettig vinden, begrijp ik maar al te goed. Zij zien als ze naar hun kind kijken vooral iemand waar ze heel veel van houden.

Soms denk ik dat mensen die zeggen dat ze niet in hokjes willen denken, dat stiekem toch doen. Dat ze zeggen niet in hokjes te willen denken, omdat ze van zichzelf weten dat er dan een vooroordeel bij hen opkomt. En dat ze daar niet trots op zijn. Het is zomaar een gedachte…

2 reacties op „Hokjesdenken“

  • Jessica:

    Is het niet zo dat mensen in hokjes plaatsen door de politiek is ontstaan? Men wilde het graag in een hokje plaatsen om daarna te kunnen bepalen hoe ernstig, zwaar of licht het was, zo’n beperking? En vanuit daar bepalen hoeveel recht iemand op zorgt had? Gelukkig merk ik nu, werkzaam in het PGBteam jeugd gemeente Amsterdam, dat het niet meer gaat om wat iemand heeft, naar waar iemand of zijn omgeving last van ondervindt. Waar iemand in zijn ontwikkeling in vast loopt. Ik vind dat een hele fijne ontwikkeling!

  • Dirk:

    Dat is denk ik teveel eer voor de politiek. ;-)
    Ik denk dat de behoefte om te categoriseren vanuit de zorg is ontstaan. Wat de politiek vervolgens deed was de indicaties die werden gesteld gebruiken om er een budget aan te koppelen. Als je geen indicatie kreeg was er ook geen hulp mogelijk. Dat zorgde voor een perverse prikkel. Met de invoering van passend onderwijs is de noodzaak om een indicatie te geven een stuk minder geworden. De zorg is meer op maat geworden, zoals je zelf ook beschrijft. Zeker een fijne ontwikkeling!

    In algemene zin had ik het in mijn blog niet in het bijzonder over de politiek, het onderwijs of de zorginstellingen. Ik doelde meer op de behoefte van de samenleving in het algemeen om in hokjes te denken. Die behoefte is er volgens mij nog steeds en is van alle tijden.

Reageer

Archief